‘IK VOEL DUS IK BEN’
Descartes dacht: Ik denk dus ik ben… Maar zonder zijn gedachten was hij er natuurlijk ook wel. Ik denk ondertussen iets anders. Omdat ik voel ervaar ik mijzelf als een levend wezen, wezenlijk aanwezig.
Maar wat zijn gevoelens eigenlijk? Laat ik beginnen met een paar definities ontleend aan het bijzonder interessante werk van de bekende neurowetenschapper, neuroloog en filosoof Antonio Damasio. Gevoelens zijn volgens zijn definitie niet hetzelfde als emoties. In het woord ‘emotie’ zit ‘emovere’ en dat betekent bewegen, in emoties zitten actie, beweging. Je kunt emoties zien aan iemands houding, stem en gedrag. Hoewel het ook waar is dat sommige mensen vrij goed zijn in het verbloemen ervan.
EMOTIES VERSUS GEVOELENS
Emoties zijn uiterlijk waarneembaar. Je ziet de frons, de brede glimlach, de gebalde vuist of de teneergeslagen blik en hoort hoe de stem klinkt. Gevoelens kun je volgens de definitie die ik nu aanhoud niet zien, deze zijn heel persoonlijk en beslaan alles wat persoonlijk fysiek, lijfelijk ervaren wordt.
Daar valt dan onder honger, dorst, kramp in je spieren, lust, welzijn met als tegenpool malaise dus je niet lekker voelen.
Kort gezegd emoties heb je en gevoelens ervaar je. Emoties roepen wel gevoelens op, de ‘bewegingen’ van binnenuit geven ook een ervaring, positief dan wel negatief beladen. Behalve in het geval wanneer je in de loop van je leven geleerd hebt deze teveel te onderdrukken. (Dan zie je bijvoorbeeld de ’tongue in cheek’, vaak zichtbaar bij een bekende Nederlandse politicus of andere grimassen.)
Het onderdrukken kost wel extra energie, je moet je ervoor inspannen, je spant letterlijk je spieren aan en dat kan zogenaamde spanningsklachten tot gevolg hebben.
Het laatste boek van Damasio heeft de titel: Feeling & Knowing. Het is gebaseerd op kennis vanuit de praktijk met patiënten, vanuit vele jarenlange studies over hoe ons zenuwstelsel werkt en wat daar allemaal van invloed op is. Zonder dat ingenieuze apparaat, ons zenuwstelsel, maar ook zonder ons hormoonstelsel, onze bloedcirculatie en niet te vergeten ons vermogen om op andere wezens te reageren met onze zintuigen en met onze spiegelneuronen waarmee we kunnen meevoelen met anderen, zouden we alleen nog maar kunnen leven als amoeben of andere eencelligen.
We zijn heel complex gebouwd en dankzij de evolutionaire ontwikkeling tot heel veel in staat. Er kan echter ook veel misgaan in het samenspel met onze omgeving als onze ontwikkeling vanaf onze eerste celdeling tot aan onze volwassenheid niet ‘goed genoeg’ is geweest of als er belangrijke fouten in geslopen zijn. We zijn allen kwetsbare wezens juist vanwege deze complexiteit. Het is dan ook niet vreemd hoe de wereld eruit ziet, overigens al eeuwen lang, onze ontwikkeling is nog in volle gang.
